BLOG ANNELIES


Dertig jaar pleegzorg

Annelies Michels is al dertig jaar pleegzorgbegeleider. Ze blikt terug op 30 jaar pleegzorg.

In 1991 begon ik met pleegzorg. Toen onderdeel van het werk als gezinsvoogd. Die taak bestond uit hulpverlening aan ouders en het begeleiden van pleegouders. In 1994 kwam er vanuit de overheid een scheiding in deze functies. De gezinsvoogden organiseerden de hulpverlening rondom ouders en voor de pleegouders werden aparte pleegzorgorganisaties opgezet. In Overijssel ontstond de Voorziening voor Pleegzorg Overijssel, VPO. Het kantoor in Twente begon heel eenvoudig in een garage waar we werkten met 6 begeleiders. Drie vrouwen en drie mannen. Alles moest nog bedacht worden, van logo tot motto. Het was een echte pionierstijd.

Ik denk dat pleegzorg al zo oud is als de mensheid. Het is een natuurlijk gegeven dat naasten vanuit het netwerk bij- of inspringen als kinderen in problemen verkeren. Vroeger werden kinderen binnen de familie groot gebracht als een gezin anders kinderloos bleef. Ik weet van een persoonlijke vriend - die uit een kinderrijk gezin kwam - dat zijn één na oudste broer bij zijn oom en tante opgroeide. Zij hadden zelf geen kinderen. Ook had je in de oorlogsjaren de boerengezinnen die stadskinderen opvingen voor een langere periode.

"Ik denk dat weleens onderschat wordt wat het van een gezin vraagt..."

Tal van bijzondere momenten… Het bijzondere aan mijn werk vind ik dat andere mensen klaar staan om een kind een veilige plek te geven binnen hun gezin. Daarbovenop geven ze ook de (groot)ouders een plek in dat leven. Ik denk dat nog weleens onderschat wordt wat dat van een gezin vraagt. Ik moet denken aan een meisje van 15 jaar en haar baby. Dit was een netwerkpleeggezinplaatsing, waarbij (destijds) Bureau Jeugdzorg de voogdij had over de baby. Het meisje heeft haar studie afgemaakt. Uiteindelijk heeft ze de zorg voor de peuter volledig op zich genomen. Het is mooi als ouders zelf de opvoeding van hun kind ter hand kunnen nemen. Mooi was het ook om een pleeggezin te begeleiden waar een kleuter geplaatst werd met behoorlijke gedragsproblemen die naar het speciaal onderwijs ging. Deze persoon is nu 18+, volgt een HBO-studie in een grote stad en woont daar op kamers. Zijn pleeggezin is zijn basisgezin. Ook heeft hij nog contact met zijn biologische familie. Ik weet nog goed dat een Turks pleegkind - dat bij zijn oom en tante woonde - mij een keer haarfijn wist te vertellen, dat zijn oom en tante zijn (basis)ouders waren. Terwijl ik hen een pleeggezin noemde. Daar kan ik echt van genieten.

… en indrukwekkende gebeurtenissen Er gebeuren ook nare en verdrietige dingen in ‘pleegzorgland’. Ouders maken soms vervelende dingen mee, waardoor het hen niet lukt om zelf voor hun kind te zorgen. Pas geleden hoorde ik nog het verhaal van een vader wiens ouders gevlucht waren uit Afrika toen hij nog een baby was. Hij werd opgevoed door zijn oma en kwam als 9-jarige jongen naar Nederland. Hij kende zijn ouders niet. Nederland was voor hem onbekend. Het was voor hem een behoorlijke cultuurschok. Hierdoor heeft hij nu nog psychische problemen. Waar ik ook verdrietig van word is, als blijkt dat een plaatsing binnen een pleeggezin toch niet lukt. Dat is niet de intentie waarmee mensen starten en ook voor een pleegkind is het een negatieve ervaring.

Professionele houding versus persoonlijke betrokkenheid In pleegzorg heb je te maken met de dingen die ook in andere gezinnen plaatsvinden. Baby’s worden geboren, (pleeg)ouders gaan uit elkaar en mensen overlijden. Met deze mensen heb je een hulpverleningsrelatie die om een professionele houding vraagt. Naast de breakdowns - het vroegtijdig uitplaatsen van een pleegkind – vind ik het overlijden van iemand binnen ‘het systeem’ het lastigst om mee om te gaan. Door de jaren heen bouw je een band op met een ouder, pleegouder of een jongere. Vooral bij het overlijden van een jongere gaan gevoelens van verdriet en professionaliteit door elkaar lopen. Voor een buitenstaander is dat misschien moeilijk te begrijpen. Het is immers je werk. Hoewel het vrij solistisch werk is, is het fijn om te weten dat je een team van collegae hebt waarop je terug kunt vallen en dingen kunt delen.

Pleegzorg doe je met elkaar! Iedere pleeggezinplaatsing vraagt iets anders van je. Het vraagt creativiteit en buiten kaders durven denken. Met protocollen alleen kom je er niet. Ik heb veel van pleegzorg geleerd. Iedere ontwikkeling bracht een nieuwe kans om me ergens verder in te verdiepen en te specialiseren. Van ‘een taal erbij’, tot Video Interactie Begeleiding- Gehechtheid. Het is speciaal om deelgenoot te mogen zijn van kinderen wiens leven iets beter kan verlopen dan het leven van de generaties daarvoor. Ook al ben je alleen een voorbijganger. Ik ben alle pleeggezinnen waar ik mee mocht lopen in hun privéleven dankbaar dat ze mij die kans hebben geboden. Mij motto is altijd geweest: ‘Pleegzorg doe je met elkaar’. Annelies Michels Pleegzorgbegeleider